OUDER-AMSTEL – “Denk niet alleen aan de komende vier jaar, maar kijk verder vooruit.” Die boodschap liep als een rode draad door het bezoek van Commissaris van de Koning Arthur van Dijk aan Ouder-Amstel. Eens in de zes jaar bezoekt de CdK vanuit zijn bestuurlijke en toezichthoudende rol de gemeenten in Noord-Holland. Afgelopen woensdag was Ouder-Amstel aan de beurt.
Na een wandeling over ’t Kampje in Ouderkerk ging het gezelschap naar de Amstelstroom. Daar sprak Van Dijk eerst met vertegenwoordigers van verschillende organisaties uit de gemeente.
Vanuit Duivendrecht werd aandacht gevraagd voor het kleinschalige en cultuurhistorische karakter van het dorp. School, sport, het Dorpshuis en de PLUS spelen volgens de aanwezigen een belangrijke rol in de onderlinge verbondenheid. Vanuit Ouderkerk kwam eveneens het belang van het erfgoed naar voren, waaronder het pontje over de Amstel. Daarbij werd ook gewezen op Ouderkerk als ‘Hart van Amstelland’ en het feit dat het dorp ouder is dan Amsterdam.
De Ronde Hoep bracht andere vraagstukken aan tafel. Vertegenwoordigers spraken over het agrarische karakter van het gebied in combinatie met recreatie en voedselvoorziening. Ook stikstof, het nabijgelegen Natura 2000-gebied Botshol, waterhuishouding, netcongestie en regelgeving kwamen aan bod. Van Dijk herkende de zorgen en gaf aan dat hier op verschillende niveaus aan wordt gewerkt. Soms is volgens hem ook bestuurlijke moed nodig om besluiten te nemen.
Veel waardering was er voor de vrijwilligers in Ouder-Amstel. Oud-burgemeester Mieke Blankers-Kasbergen wees op de hoge deelname aan vrijwilligerswerk. Van Dijk vatte het belang van die betrokkenheid kort samen: “Het moet samen gebeuren.”
In het gesprek met de gemeenteraad verschoof de aandacht naar de toekomst van de groeiende gemeente. Naast het behouden van de eigen identiteit van Duivendrecht en Ouderkerk ligt er de opgave om Amstelvoorde een eigen karakter te geven. Van Dijk waarschuwde ervoor dat de nieuwe wijk geen slaapstad moet worden, maar “een eigen hart krijgt, met betrokken bewoners, organisaties en zo weer nieuwe vrijwilligers”.
Dat vraagt volgens hem om verder vooruit te kijken dan één raadsperiode. Hoewel een gemeenteraad vier jaar zit, moet volgens Van Dijk worden gedacht vanuit een perspectief van 10 tot 15 jaar.
De raad vroeg de provincie daarbij om financiële en ambtelijke ondersteuning. Van Dijk wees op verschillende provinciale ondersteuningsteams en gaf aan dat hierover breder wordt meegedacht. Tegelijkertijd zijn dit volgens hem geen ‘abc’tjes’, waarbij hij verwees naar de Miljoenennota.
Daarmee kwam het gesprek opnieuw uit bij de belangrijkste boodschap van het bezoek: werk aan een ‘Visie op de Toekomst’. “Ouder-Amstel is uniek”, stelde Van Dijk tot besluit. Waar eerder de zelfstandigheid van de gemeente nog als mogelijk kwetsbaar werd gezien, lag tijdens dit bezoek de nadruk vooral op ‘zelf doen’.
De gemeenteraad wil tijdens een gezamenlijke heidag verder praten over het bezoek en het toekomstperspectief van Ouder-Amstel. Burgemeester Susanne de Roy van Zuidewijn sloot de middag af met een dankwoord.
Camera: Peter Boogerd
