Eilandbezitters in zak en as: ‘Wie zijn we tot last?’

Aalsmeer

AALSMEER – Een van de eilandbezitters die begin mei werden verrast met een brief van de gemeente waarin hij gesommeerd wordt alle opstal van zijn eiland te verwijderen, is de 58-jarige ondernemer in ruste Jorrit Kortenhoef. Hij gunt AalsmeerVandaag een kijkje op zijn eiland dat hij in coronatijd kocht en in zes jaar tijd veranderde tot een waar droomoord.

Door de dichte begroeiing heb je als passant op de plas vaak geen idee wat er allemaal achter schuilgaat. Het eiland van Kortenhoef, die opgroeide in De Kwakel en in zijn werkzame leven een succesvol decorbouwbedrijf runde, is daar een voorbeeld van. Als het kleine motorbootje aanmeert in een achterafsloot, is het alsof we in de jungle van Suriname zijn aanbeland.

Aandacht van handhaving

Duizend tinten groen, bloemenpracht, gezang van vogels, gekwaak van kikkers en het ruisen van de wind door de bladeren; hoe idyllisch wil je het hebben? Opvallend onopvallend is de ark die in het eiland ‘gestoken’ is. Maar schijn bedriegt want volgens Jorrit is het een boot met eigen aandrijving die zelfstandig kan varen. Vermomd als ark, dat wel. En dat trok de aandacht van handhaving want woonboten zijn op de eilandjes niet toegestaan. Boten wel. Die mogen hier van 1 april tot 15 oktober liggen.

Jorrit trof zes jaar geleden een grote wildernis aan bij een te koop staand eiland. “In de eerste coronagolf. Je kon hier niet eens lopen. Er was 25 jaar niets aan gedaan. Cees Otto die het als bemiddelaar verkocht vroeg: weet je het wel zeker? Er waren geen eens steigers.” Maar in de 2500 meter oerwoud zag Jorrit een toekomstig Walhalla dat hij de afgelopen jaren daadwerkelijk tot zijn paradijs maakte waar ijsvogels broeden, steenmarters een nest hebben en waar hijzelf in het seizoen met zijn echtgenote verblijft.

Gaat op in de natuur

Over zijn ‘woonark’ zegt hij: “Ik had hiervoor een recreatieark bij jachthaven Dragt. Maar het leek me prachtig om echt ín een eiland te liggen. Niet met zo’n opvallend wit jacht. Omdat ik best lang ben heb ik zelf een boot ontworpen die helemaal zelfvoorzienend is inclusief filter om poelwater te filteren en een motor. Het is een zogenaamde ‘houseboat’ waar er wel meer van zijn. Al lijkt hij op een ark, het is een boot. Donker met veel glas, hij gaat helemaal op in de natuur. Na het seizoen vaar ik ermee terug naar de jachthaven waar hij de wintermaanden ligt.”

Kraamkamers voor vissen

De gemeente heeft Jorrit gesommeerd zijn vaartuig en zijn bouwwerken op het eiland binnen zes weken te verwijderen. Dat niet alleen; de boot mag ook niet meer binnen de gemeentegrenzen verblijven omdat het als recreatieark wordt gezien zonder (plaatsgebonden) ligvergunning. Jorrit wil dit aanvechten. Op het eiland heeft hij door de jaren heen acht bouwwerken neergezet, variërend van pergola tot kas voor zijn groente en van boomhut tot boothuis. Een vlonderpad is een kronkelende verbinding tussen de verschillende items. Hij heeft poeltjes gegraven die tot kraamkamers voor vissen zijn geworden en waar kikkers en salamanders in huizen. Ook dat was tegen de regels. Die moeten weer dicht.

Ziel en zaligheid

Hoewel hij baalt van de rechtlijnigheid van de gemeente vindt hij het veel erger voor de mensen om hem heen. “Er zitten hier mensen al een halve eeuw met hun eiland waar ze hun ziel en zaligheid in hebben gestopt. Ooit begonnen met een hutje, dat vervangen moest worden, iets groter werd, later kwam er een stukje aan en zo breidde het langzaam uit. Dat is wat er gebeurt als er 25 jaar niet gehandhaafd wordt. Ik kom er wel overheen maar ik ken mensen die echt diepbedroefd en radeloos zijn. Het is hun levenswerk geworden.”

Alleen een kist

“Toen ik het eiland kocht heb ik me nooit verdiept in wat wel en niet mag. In het koopcontract stond recreatie-eiland, je hebt daarnaast ook ‘natuur met water’ en ‘agrarische waarde/recreatie’. Nu blijkt dat ik een eiland heb met alleen agrarische waarde waar je helemaal niks op mag. Als je naar de regeltjes kijkt mag je onder de duizend meter alleen een kist van één bij twee meter neerzetten en alles daarboven een schuilhut van zes vierkante meter. Het is nooit in me opgekomen in wat ik wel mag en wat niet. Als de rechter de gemeente gelijk geeft dan moet ik het verwijderen, het is niet anders. Maar nu gaan we eerst de strijd aan. Kijkend naar de regels zouden we het allemaal verliezen.”

Over hoe hij de kansen inschat om het dreigende zwaard van Damocles te keren zegt hij: “Wat is de reden, wie zijn we tot last met wat hier staat? Wie heeft er ooit over geklaagd en wat wint de gemeente hiermee? Toen ik hier zes jaar geleden kwam heb ik er autobanden vanaf gehaald, een koelkast en meer rotzooi. Het was een stortplaats. Nu heb ik een beschoeiing neergezet voor 300 euro de meter. Zelfs onder water tegen afkalving. Al met al heb ik hier een tonnetje of twee geïnvesteerd.”

Nog meer poelnomaden

Sinds Jorrit de brief van de gemeente op 4 mei heb gekregen is zijn passie voor het eiland verdwenen. “Elk kwastje dat ik zet of plankje dat ik zaag… waar doe ik het voor? Ik zet niet elk weekend mijn tuinstoel en barbecue in de boot om na een dag weer terug te gaan. In mijn achterhoofd zit steeds dat ik hier weg moet. En dan? De boel verkopen of laten verpauperen. Dat is wat er gaat gebeuren. Niet alleen bij mij. Mensen gaan er niet meer naartoe, het wordt een verwaarloosd gebied waar nog meer poelnomaden naar toe zullen trekken.”

Ogen en oren van het gebied

“Toen de gemeente bekendmaakte twee ton uit te trekken voor handhaving en tegen vervuiling dachten we mooi: eindelijk een aanpak van de verwaarlozing. Maar het bleek om óns te gaan. Terwijl de criminaliteit blijft: schuurtjes worden opengemaakt, benzine gestolen, boten. Wij zijn de ogen en oren van het gebied omdat we er altijd zijn. We zorgen voor sociale controle, bellen elkaar als we iets opvallends zien. Pas nog werd een boot gestolen: iedereen stapte in zijn boot om te gaan zoeken en daardoor is hij gevonden en de dief gearresteerd. We maken hier schoon, halen vuil uit het water maar de gemeente lijkt hier niet gevoelig voor.”

De eilandbezitters hebben zich inmiddels verenigd in Stichting Belangen Recreatie-Eilanden Aalsmeer (i.o.) en zijn met de wethouder in gesprek over hoe nu verder. “Ons verzoek aan de gemeenteraad is om de regels aan te passen en hopen in gesprek te blijven om per eiland te bekijken wat redelijk is.”

Overgenomen met toestemming van AalsmeerVandaag
Foto en film: Arjen Vos

Deel artikel: