AALSMEER-UITHOORN – Een nieuw samenwerkingsproject moet de glastuinbouw in De Kwakel-Kudelstaart helpen overstappen van aardgas naar duurzame warmte. De betrokken partijen, waaronder tuinders, Greenport Aalsmeer en netbeheerder Liander, hebben daarvoor een plan opgesteld. Het project heeft inmiddels een SDE++-subsidie van het Rijk gekregen, waarmee de financiële haalbaarheid verder wordt onderzocht.
De warmte komt van een toekomstig datacenter dat wordt gebouwd in een voormalig logistiek gebouw. De restwarmte van de servers wordt gebruikt om kassen te verwarmen. In ruil daarvoor krijgt het datacenter koud water uit het warmtenet voor de koeling van de apparatuur. De uitwisseling gebeurt in een gesloten systeem zonder gebruik van drink- of oppervlaktewater.
Volgens Liander maakt deze koppeling de verduurzaming van de glastuinbouw in het gebied eenvoudiger. Zonder deze oplossing zouden veel bedrijven eigen warmtepompen nodig hebben, wat extra druk zou leggen op het elektriciteitsnet. Ook is de ruimte om het net uit te breiden beperkt.
De stroom voor het datacenter komt volgens de initiatiefnemers volledig uit Nederlandse wind- en zonne-energie. Het datacenter wordt modulair gebouwd en maakt gebruik van een bestaand gebouw, waardoor geen nieuwe ruimte voor de ontwikkeling nodig is.
Wethouder Jan Hazen van Uithoorn noemt het project een mogelijke bijdrage aan de verduurzaming van de glastuinbouw. “Dit project kan een belangrijke bijdrage leveren door tuinders toegang te geven tot een alternatief voor aardgas op basis van datathermie.”
Ook tuinder Patrick Hogenboom, woordvoerder namens de betrokken bedrijven, ziet voordelen. “Onze energievoorziening wordt hierdoor duurzamer en minder afhankelijk van gas.”
De partijen werken de komende periode de plannen verder uit en gaan in gesprek met omwonenden over de gevolgen van het project. De definitieve realisatie is afhankelijk van de verdere uitwerking van de afspraken en ontwerpen. Hogenboom beantwoordde namens het collectief van glastuinbouwers de volgende vragen over de plannen.
Waar precies komt het datacenter en wanneer moet het operationeel zijn?
“Het duurzame datacenterproject zit nog in een zeer vroeg stadium. De samenwerking met de tuinders en de gemeente was een stap die eerst nodig was voordat Switch Datacenters überhaupt een vergunningsaanvraag kan doen bij de provincie Noord-Holland, binnen de ruimte die de provincie mogelijk biedt in uitzonderlijke gevallen.
Als de vergunning er in de komende periode komt, zal het twaalf tot achttien maanden duren voordat de eerste fase van het plan gereed is. Op zijn vroegst is die eerste fase dan in 2028 klaar voor oplevering aan klanten.”
Welke invloed hebben inwoners op de plannen en hoe ziet dat proces eruit?
“We staan nog aan het begin van het ontwerpproces van de warmtepompcentrale en het warmtenet. We zullen binnenkort in gesprek gaan met de omwonenden van de warmtepompcentrale om samen te onderzoeken wat de wensen, ideeën en eventuele zorgen zijn. Hetzelfde geldt voor het datacenter.”
Klopt het dat er geen warmte of water wordt geloosd op oppervlaktewater en dat het systeem volledig gesloten is?
“Dit klopt. Het datacenter heeft een zogenaamd dry-cooling-systeem in een gesloten loop dat geen water gebruikt voor operationele koeling. De restwarmte wordt in de vorm van water van iets minder dan 30 graden aan de warmtepompcentrale geleverd. De restwarmte wordt via de warmtepomp overgedragen aan het warmtenet en opgekrikt tot 70 graden. Dit verwarmde water wordt via een warmteleiding (aanvoer) geleverd aan de glastuinbouwbedrijven, waar de warmte wordt gebruikt om de kassen te verwarmen. Het afgekoelde water wordt via een warmteleiding (retour) teruggebracht naar de warmtepompcentrale, waar het opnieuw wordt opgewarmd. Het warmtenet is dus ook een gesloten systeem waarbij geen water wordt geloosd of verspild.”
Hoeveel tuinders of kassen kunnen gebruikmaken van de warmte en hoeveel aardgas wordt hiermee bespaard?
“In principe kunnen alle bedrijven in het gebied worden aangesloten en daarmee een deel van het gasverbruik van de bedrijven vervangen door duurzame warmte. Het komende jaar wordt het project verder geconcretiseerd. Daarbij hoort ook het bepalen voor welke bedrijven het aantrekkelijk is om een aansluiting op dit warmtenet te nemen.”
Zijn er ook nadelen, risico’s of zorgen rond dit initiatief?
“Eigenlijk zijn er vooral veel voordelen van zo’n project. Het belangrijkste nadeel is dat de aanleg van een warmtenet tijdelijk voor overlast kan zorgen. Dit omdat er mogelijk tijdelijk wegen moeten worden afgesloten om het warmtenet aan te leggen. Dit zal goed worden afgestemd met de gemeente en met de omgeving worden gecommuniceerd.”
Hoeveel elektriciteit gaat het datacenter gebruiken en hoe verhoudt dat zich tot de claim dat het project helpt om netcongestie te voorkomen?
“Het datacenter zal een eigen aansluiting hebben op het industriële substation voor lokale distributie van 60 MVA, bestaande capaciteit. Doordat Liander door het warmtenet geen additionele grote industriële aansluitingen voor de tuinders hoeft aan te leggen, is er veel minder vermogen en fysieke ruimte nodig in de regio.
Verder wil de glastuinbouwsector verduurzamen. Uit studies van de netbeheerder blijkt dat als de glastuinbouwbedrijven zouden willen elektrificeren, dit niet mogelijk is door netcongestie. De verduurzaming van de glastuinbouw met behulp van het warmtenet voorkomt daarmee het vergroten van het netcongestieprobleem. Zie ook het Liander-rapport dat wordt genoemd bij het persbericht.”
Wat gebeurt er met de warmtevoorziening van de tuinders als het datacenter tijdelijk uitvalt of minder warmte levert?
“Het datacenter heeft een zeer hoge leveringszekerheid als onderdeel van de contracten, plus een back-upfaciliteit. Daarnaast is het zo dat de warmte uit het warmtenet niet alle benodigde warmte van de glastuinbouwbedrijven zal leveren. De glastuinbouwbedrijven houden daarom ook hun WKK’s en gasketels voor zowel back-up als voor de momenten dat het heel koud is (piekvoorziening). De WKK’s produceren ook elektriciteit en CO₂, die nuttig wordt ingezet als meststof in de kassen. De elektraproductie van de WKK heeft daarmee ook een functie bij het beperken van het netcongestievraagstuk.”
De gemeente Uithoorn, aan wie wij dezelfde vragen voorlegden, laat weten dat sommige onderdelen van de plannen betrekking hebben op bedrijfsgevoelige informatie. Daarom kan de gemeente op die punten geen inhoudelijke toelichting geven.
Foto: Pexels
